Snelle compensatie, grote gevolgen: hoe bij de toeslagenaffaire ook onterecht geld is uitgekeerd
Snelle compensatie, grote gevolgen: hoe bij de toeslagenaffaire ook onterecht geld is uitgekeerd
De hersteloperatie rond de toeslagenaffaire is opgezet om ouders te compenseren die door de overheid ernstig zijn benadeeld. Dat uitgangspunt staat buiten kijf. De fouten die zijn gemaakt bij de kinderopvangtoeslag hebben diepe sporen nagelaten en rechtvaardigen erkenning en herstel.
Tegelijkertijd wordt steeds duidelijker dat de uitvoering van de compensatieregeling zó ruimhartig en gehaast is geweest, dat er ook op grote schaal geld is uitgekeerd aan ouders die daar waarschijnlijk geen recht op hadden. Dat is een ongemakkelijke constatering, maar wel één die onderbouwd wordt door recente onderzoeken, waaronder een steekproef van de Auditdienst Rijk (ADR).
Beschikbare gegevens jarenlang genegeerd
Een belangrijk uitgangspunt binnen de hersteloperatie was dat de overheid vaak niet meer kon aantonen of ouders destijds correct waren geïnformeerd. Als niet bewezen kon worden dat de Belastingdienst brieven had gestuurd waarin om informatie werd gevraagd, werd het voordeel van de twijfel vrijwel altijd aan de ouder gegeven.
Uit het ADR-onderzoek blijkt nu dat dit uitgangspunt in veel gevallen feitelijk onjuist was. Er bestond jarenlang een uitgebreide en betrouwbare administratieve database waarin vastgelegd was welke brieven waren verzonden en welke reacties waren ontvangen. Deze database maakte deel uit van het reguliere werkproces van de Belastingdienst, maar is bij de hersteloperatie grotendeels over het hoofd gezien.
Wat laat de steekproef zien?
De Auditdienst Rijk onderzocht een steekproef van 130 ouders die als gedupeerde waren aangemerkt omdat niet zou kunnen worden aangetoond dat zij ooit brieven van de Belastingdienst hadden ontvangen. Uit het onderzoek blijkt dat in alle 130 gevallen wel degelijk vraagbrieven zijn verstuurd. In vrijwel alle dossiers zijn ook rappelbrieven geregistreerd.
Daarnaast blijkt dat in een groot deel van deze dossiers een volledig bezwaartraject heeft plaatsgevonden tegen de terugvordering van kinderopvangtoeslag. In 56 van de 130 gevallen is daadwerkelijk bezwaar gemaakt. Van deze bezwaren zijn er 43 afgewezen, wat betekent dat de terugvordering terecht werd geacht. In 13 gevallen kregen ouders gelijk en werd de terugvordering stopgezet.
Opvallend is dat ook ouders die een bezwaartraject hebben doorlopen en uiteindelijk geen financieel nadeel hebben ondervonden, alsnog als gedupeerde zijn aangemerkt en recht kregen op compensatie.
Snelheid boven zorgvuldigheid
De Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen (UHT) werkte onder enorme druk. De maatschappelijke en politieke oproep was helder: het herstel moest sneller, ruimhartiger en menselijker. In die context is gekozen om het verhaal van de ouder leidend te maken en zo min mogelijk kritisch te toetsen.
Die keuze is begrijpelijk vanuit empathie, maar had een duidelijke keerzijde. Beschikbare gegevens werden onvoldoende benut, controles werden vereenvoudigd en twijfelgevallen werden structureel in het voordeel van de aanvrager beslist.
Minimale compensatie, maximale gevolgen
Zodra een ouder als gedupeerde werd erkend, volgde automatisch een minimale compensatie van 30.000 euro. Daarbovenop nam de overheid vaak andere schulden over, zoals belastingschulden, studieschulden en verkeersboetes, en in sommige gevallen ook private schulden. Daarnaast konden ouders via aanvullende regelingen verdere schade vergoed krijgen.
Alleen al op basis van het minimale compensatiebedrag betekent dit dat in de onderzochte steekproef van 130 dossiers circa 3,9 miljoen euro mogelijk onterecht is uitgekeerd. Dit bedrag heeft uitsluitend betrekking op deze beperkte groep. Aangezien aannemelijk is dat het hier om een veel groter aantal vergelijkbare dossiers gaat, ligt het werkelijke bedrag aanzienlijk hoger.
Desondanks is besloten om deze nieuwe informatie geen gevolgen te laten hebben voor reeds genomen besluiten. Er komt geen herbeoordeling en geen correctie. Daarmee wordt erkend dat fouten zijn gemaakt, maar dat deze bestuurlijk worden geaccepteerd.
Categorie: foutje, bedankt.
Schadelijk
De toeslagenaffaire laat zien hoe schadelijk een harde, bureaucratische overheid kan zijn. De hersteloperatie laat echter ook het spiegelbeeld zien: hoe een overheid die uit angst en schuldgevoel handelt, het risico loopt zorgvuldigheid los te laten.
Recht doen aan echte slachtoffers vraagt niet alleen om empathie, maar ook om consistent gebruik van beschikbare data, duidelijke criteria en de moed om grenzen te stellen. Alleen zo blijft herstel geloofwaardig, voor ouders, voor de kinderopvangsector en voor de samenleving als geheel.
Feiten uit het ADR-onderzoek
- De Auditdienst Rijk onderzocht een steekproef van 130 ouders die als gedupeerde waren aangemerkt omdat niet kon worden aangetoond dat de Belastingdienst hen destijds om informatie had gevraagd.
- In alle 130 onderzochte dossiers zijn administratieve vastleggingen aangetroffen waaruit blijkt dat vraagbrieven aan deze ouders zijn verstuurd. In vrijwel alle gevallen zijn ook rappelbrieven geregistreerd.
- De Auditdienst Rijk concludeert dat de onderzochte verzend- en ontvangstadministratie consistent en betrouwbaar is, en dat er geen reden is om te twijfelen aan de juistheid van deze vastleggingen.
- In 56 van de 130 dossiers is bezwaar gemaakt tegen de terugvordering van kinderopvangtoeslag. Van deze bezwaren zijn er 43 afgewezen en 13 toegewezen.
- In de 13 toegewezen bezwaarzaken is de terugvordering stopgezet en is geen financieel nadeel voor de ouder vastgesteld. Desondanks zijn ook deze ouders later als gedupeerde aangemerkt en gecompenseerd.
- Op basis van het minimale compensatiebedrag van 30.000 euro per ouder betekent dit dat in deze steekproef circa 3,9 miljoen euro is uitgekeerd aan ouders waarbij de grondslag voor compensatie ter discussie staat.
- Het ministerie geeft aan dat het ADR-onderzoek geen conclusies trekt over individuele gedupeerdheid en dat reeds genomen compensatiebesluiten niet worden herzien.