Bestaat er wel maatschappelijke kinderopvang?

In de kinderopvang wordt soms een onderscheid gemaakt tussen maatschappelijke en commerciële kinderopvang. Wat zijn nu eigenlijk die verschillen ? Zijn er eigenlijk wel verschillen? Bestaat er wel maatschappelijke kinderopvang.

Om de vraag te beantwoorden enige uitleg en achtergronden.

Bijzondere branche

Buiten dat de branche omgaat met een bijzondere groep (jouw kinderen) is kinderopvang qua financiering een bijzondere branche in Nederland. Alhoewel het een zelfstandige branche is, heeft de Rijksoverheid een belangrijk aandeel in de financiering (kinderopvangtoeslag) en regelgeving binnen de branche. Beslissingen van de Rijksoverheid kunnen hele grote gevolgen hebben voor de branche.

Ontwikkeling kinderopvangbranche

In het begin van deze eeuw waren kinderopvanginstellingen bijna altijd stichtingen. Bijna iedere dorp of stad had wel één of meerdere “Stichting Kinderopvang Plaats”. Deze ontvingen de financiering vanuit de gemeentes. Hierdoor was er beperkt aanbod van kinderopvangplaatsen, de opvang was vaak ook niet flexibel en kende beperkte openingstijden.

Om aan de vraag te voldoen was het begin deze eeuw mogelijk subsidie te ontvangen voor de oprichting van nieuwe kinderopvanglocaties. Ook werd er de kinderopvangtoeslag (2005) ingevoerd. Dit leverde een enorme groei aan kinderopvangplaatsen maar ook aan kinderopvangorganisaties. En dit waren niet meer alleen stichtingen, maar ook besloten vennootschappen, eenmanszaken, VOF’s etc.

Kortom : meer aanbod, meer variatie en het verlies van monopoliepositie van de “Stichting Kinderopvang Plaats” . Deze stichtingen waren soms te log, incapabel (geen ondernemers) of te afhankelijk van de Gemeente om deze modernisering- kwaliteit en financiering slag te overleven.

Financiering kinderopvangbranche

De kinderopvangorganisaties sluit een overeenkomsten met jou (de ouder) als klant waarbij jij dus een betalingsverplichting hebt richting de kinderopvangorganisaties. Vervolgens heb jij de mogelijkheid (onder voorwaarden) om een tegemoetkoming te ontvangen voor de kosten (de kinderopvangtoeslag). Of je ook recht hebt op kinderopvangtoeslag is dus jouw verantwoording.

Hierdoor ontstaat de situatie dat circa 1/3 van de kosten door ouders betaald worden, 1/3 door de werkgevers (via werkgeverspremies) en 1/3 door de overheid. Wijzigingen in tarieven en regelgeving kinderopvangtoeslag (gemaakt door Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid) heeft gevolgen voor vraag en aanbod. Slechts een zeer beperkte gedeelte van de kinderopvang (de VVE) ontvangen nog subsidie voor de activiteiten.

Voor uitvoering van VVE worden nog wel subsidies verstrekt aan kinderopvangorganisaties, echter dit is maar voor een beperkt deel van de organisaties.

De gehele branche kan dus als commercieel bestempeld worden (zonder goede resultaten is er ook geen bestaansrecht).

Kwaliteit kinderopvangbranche

Bij de bloei van de branche (vanaf het begin van deze eeuw) werd vaak geroepen dat de kwaliteit bij “maatschappelijke kinderopvang” (lees : de Stichtingen) beter was dan bij de “commerciële kinderopvang”. Nu is kwaliteit op zich al lastig meetbaar.

De stichtingen bestonden vaak al langer en hadden dus al meer protocollen, handleidingen, ervaringen etc. De nieuwe ondernemingen moesten deze vaak nog ontwikkelen en/of implementeren. De “commerciële kinderopvang” was daarbij juist aan het vernieuwen en ontwikkelde mee naar gelang de vraag vanuit de ouders en de markt (zoals bijvoorbeeld ruimere openingstijden). Iets waar de stichtingen in achterbleven, o.a. door logge besluitvorming  en/of gebrek aan ondernemerskwaliteiten.

De stelling dat de kwaliteit bij de maatschappelijke kinderopvang beter is dan bij de commerciële kinderopvang (of andersom) is in ieder geval ongegrond. Ondernemers zien vaak eerder het belang van klanttevredenheid en handelen daarnaar.

Anno 2021 is de kwaliteit in de branche over het algemeen goed en behoort deze tot de top in Europa.

Rechtsvorm kinderopvangbranche

Momenteel wordt zo’n 46 % van de locaties geëxploiteerd via een besloten vennootschap en circa 37 % via een stichting. De overige 17 % betreffen dus eensmanszaken, maatschappen, VOF’s, CV’s of Verenigingen.

Er zijn ruim 2.900 verschillende rechtspersonen actief in de kinderopvang die ruim 16.600 locaties hadden.  De 100 grootste kinderopvangorganisaties (3,4 % van totaal aantal ondernemingen) heeft bijna 45 % van de kindplaatsen in bezit.

Wat is dan maatschappelijke kinderopvang

De Branchevereniging Maatschappelijke Kinderopvang (BMK) stelt dat maatschappelijke kinderopvang de organisaties zijn die streven dat dat kwaliteit het uitgangspunt vormt voor ondernemers in de kinderopvang. Niet prijs, niet winst, niet kwantiteit. Maar kinderopvangorganisaties met een gezonde bedrijfsvoering waarbij de winst ten goede komt aan opvang voor alle kinderen.  Anderen stellen dat zij maatschappelijke kinderopvang zijn omdat zij geen winstoogmerk hebben.

Stichtingen en maatschappelijke kinderopvang

Men kan het idee hebben dat stichtingen vallen onder maatschappelijke kinderopvang, de winst van een stichting moet immers bestemd zijn voor een doel (en niet voor uitkering aan een eigenaar).

Het is alleen een idee maar is verder ongegrond. Zo kan een stichting opgericht zijn door een organisatie die ervoor zorgt dat er heel weinig resultaat overblijft in de stichting, bijvoorbeeld door het afsluiten van (dure) management of huisvestingscontracten met de uiteindelijke belanghebbende. Gevolg : weinig winst blijft in de stichting achter maar wordt weggesluisd naar andere rechtsperso(o)n(en).

Praktijk

Maar hoe werkt dat zoal in de praktijk ? We hebben eens een prijsvergelijk (kinderdagverblijven) gedaan tussen 2 organisaties. De ene geeft aan een maatschappelijke opvang te zijn, de ander dus niet. Beide organisaties zijn actief in stedelijke gebieden in de randstad en hebben een behoorlijke omvang.

1  dag2 dagen3 dagen4 dagen5 dagenTOTAAL
Maandelijkse kosten
Kinderopvang X €     435 €      870 €   1.306 €   1.741 €   2.176 €  6.528
Kinderopvang Y €      415 €      812 €   1.184 €   1.548 €   1.929 €  5.888
Verschil4,94%7,12%10,27%12,45%12,81%10,87%
Eigen bijdrage bij inkomen € 20.000
Kinderopvang X €        48 €        96 €      144 €      192 €      308 €      788
Kinderopvang Y €        17 €        32 €        47 €        62 €        77 €      235
Verschil190,21%198,51%203,80%208,78%300,62%235,09%
Eigen bijdrage bij inkomen € 30.000
Kinderopvang X €        62 €      124 €      185 €      247 €      390 €   1.008
Kinderopvang Y €        31 €        60 €        87 €      114 €      143 €      435
Verschil103,01%106,12%111,67%116,33%172,96%131,64%
Kinderopvangtoeslag bij inkomen € 20.000
Kinderopvang X €      387 €      774 €   1.162 €   1.549 €   1.868 €   5.740
Kinderopvang Y €      398 €      780 €   1.137 €   1.486 €   1.852 €   5.653
Verschil-2,76%-0,77%2,20%4,24%0,86%1,54%
Kinderopvangtoeslag bij inkomen € 30.000
Kinderopvang X €      373 €      746 €   1.121 €   1.494 €   1.786 €   5.520
Kinderopvang Y €      384 €      752 €   1.097 €   1.434 €   1.786 €   5.453
Verschil-2,86%-0,80%2,19%4,18%0,00%1,23%

Je ziet het, er zijn grote verschillen tussen kinderopvang X en kinderopvang Y. Kinderopvang X is voor de ouder(s)  2 tot 4 keer zo duur als kinderopvang Y. Kinderopvang X heeft een hogere omzet per kindplaats (circa 10 %), daarbij is kinderopvang X is ook voor de overheid (circa 1,25 – 1,5 %) duurder dan kinderopvang Y.

Kinderopvang Y is voor ouder(s) fors voordeliger. Daarbij heeft deze ook ruimere opvangtijden (07:00-19:00) dan kinderopvang X (07:30-18:30). Kinderopvang Y biedt in meeste gevallen overigens ook nog een warme maaltijd aan de kinderen bij de lunch.

Welke organisatie is nu een maatschappelijke kinderopvangorganisatie?

Je zal natuurlijk denken dat kinderopvang Y de organisatie is die maatschappelijke kinderopvang aanbiedt. Helaas….. Kinderopvang X is de maatschappelijke kinderopvangorganisatie.

Ouder(s) die bijvoorbeeld een reintegratietraject of opleidingstraject doen hebben vaak veel dagen kinderopvang nodig en hebben een laag inkomen. De kinderopvang is voor deze ouders zeer duur en bijna onbetaalbaar bij deze maatschappelijke kinderopvang.

Let op : zoals bovenstaande tabel duidelijk maakt zijn er vaak grote verschillen in uurtarieven. Deze verdeling is niet perse geldend voor de “maatschappelijke” of “commerciële” kinderopvang.

Tarieven kinderopvang en maatschappelijke kinderopvang

De Rijksoverheid hanteert een maximum uurtarief welke in aanmerking komt voor vergoeding, de kinderopvangtoeslag. Kinderopvangorganisaties zijn vrij in het bepalen van hun uurtarieven. Hoe hoger deze boven het maximum uurtarief ligt hoe hoger de eigen bijdrage is voor de ouder (en dus beter betaalbaar wordt voor ouders met hogere inkomens).

Indien een organisatie claimt maatschappelijk te zijn valt te verwachten dat de organisatie geen tarieven hanteert die ver boven dat maximum uurtarief uitkomen. Toch is dat vaak wel de praktijk.

De vraag is waaraan deze organisaties deze hoge tarieven/omzetten aan besteden (of misschien verspillen).  Het is in ieder geval niet echt maatschappelijk.

Resultaat maatschappelijke versus commerciële kinderopvang

Hebben besloten vennootschappen hogere resultaten dan stichtingen ? Recente cijfers ontbreken hierover, blijkens het Sectorrapport kinderopvang uit 2017 was de rentabiliteit over 2016 bij besloten vennootschappen 2,71 % en bij stichtingen 2,22 %. Kortom geen noemenswaardig verschil. In de jaren daarvoor waren de gemiddelde resultaten in de branche lager.

Dit (geringe) verschil kan veroorzaakt worden door veel oorzaken, om er maar een paar te noemen:

  • Hoge of juist een gebrek aan efficiency van personeelsinzet (Zo hadden in 2016 de stichtingen 72,36 % aan personeelskosten en de BV’s slechts 66,31 %.)
  • Hoogte salaris/management vergoeding
  • Vorming voorzieningen

Een DGA (directeur/groot aandeelhouder) in een besloten vennootschap kan een laag salaris hebben waardoor de BV een hogere winst maakt. Een dividenduitkering (=winstuitkering) uit de vennootschap kan dan een soort correctie zijn op het lagere inkomen. Een DGA kan dus ook besluiten hiervan alleen gebruik te maken indien er genoeg vermogen is opgebouwd.

Financiële positie maatschappelijke versus commerciële kinderopvang

De solvabiliteit van een onderneming zegt iets over de financiële situatie van de onderneming op lange termijn. Over 2016 was dit bij stichtingen 43,18 en besloten vennootschappen (slechts) 7,85. De liquiditeit (de financiële positie op korte termijn ) was respectievelijk 2,38 en 1,13.

De Stichtingen hebben dus een veel betere financiële positie (zowel op lange als korte termijn) dan de besloten vennootschappen.

Hoe en waarom de stichtingen een veel beter financiële positie hebben is niet bekend en lastig te achterhalen. Het kan het gevolg zijn van een groot vermogen (dus opgespaarde winsten van meerdere jaren) , maar waarom is dat niet besteed aan de kinderen of verlagen van tarieven in de jaren volgend ? Het kan het gevolg zijn van overschotten van subsidiegelden die in het verleden zijn opgebouwd, het blijft gissen.

Kortom : maatschappelijke kinderopvang is een vaag begrip.

Laat je dus niet (mis)leiden door gebruik van termen als “maatschappelijk” op de website of in de brochures. Mocht men deze term gebruiken mag je wel uurtarieven verwachten die niet ver boven het maximum uurtarief ligt.

Bezoek indien mogelijk meerdere organisaties, volg je gevoel, bekijk en vergelijk tarieven, openingstijden en eventuele extra sluitingsdagen.